|
| |
Thema's > Architectuur
Terwijl op het vlak van de schilderkunst, de muziek, het
stripverhaal, de mode, de film en ook dans wel eens uitzonderlijke en
richtinggevende prestaties werden en worden neergezet door Belgen, heeft de
Belgische architectuur - op een enkele uitzondering na - in het algemeen
onopvallend de internationale stromingen gevolgd. Wel bevinden zich op het
Belgische grondgebied enkele mooie voorbeelden van die internationale
stromingen:
 | een van de best bewaarde monumenten uit de vroeg-Romaanse
periode is de uit 1046 daterende abdij van Sint-Geertrudis in Nijvel; |
 | een hoogtepunt uit de Romaanse periode is de
Onze-Lieve-Vrouwe-Kathedraal van Doornik; |
 | de gotiek, die van de dertiende tot en met de vijftiende
eeuw de overwegende bouwstijl was, heeft een belangrijk aandeel in het
patrimonium: denk maar aan de imposante kathedralen van
Mechelen en
Antwerpen en de talrijke indrukwekkende stadhuizen (Brugge, Brussel, Damme,
Leuven, Oudenaarde), belforten (Doornik, Brugge, Gent), lakenhallen (Brugge, Ieper) en burgerwoningen; |
 | renaissancistisch zijn het stadhuis en de
patriciërswoningen op de Grote Markt van Antwerpen, en het
Prinsbisschoppelijk Paleis van Luik; |
 | de barok kwam, als propagandamiddel voor de
contra-reformatie, vooral tot uiting in religieuze architectuur: voorbeelden
zijn de St.-Carolus-Borromeuskerk in Antwerpen, de St.-Michielskerk in
Leuven, de St.-Pietersabdij van Gent en de O.-L.-Vrouw van Hanswijk in
Mechelen. Burgerlijke voorbeelden van de barok zijn de gildehuizen op de
Grote Markt in Brussel; |
 | uit de 18de eeuw dateren rococogebouwen als de Koninklijke
Academie van Gent en classicistische gebouwen als St.-Jacob-op-de-Coudenberg
in Brussel. |
De negentiende eeuw is de eeuw van neostijlen (van
neo-classicistisch tot neo-gotisch) en het eclecticisme. Hiertegen reageerden
een aantal vooraanstaande architecten met een nieuwe stijl, die in elk land een
andere naam kreeg: Modern Style, Liberty Style, Jugendstil, Modernismo, Stile
Floreale of Secessionstil. Aan het begin van de twintigste eeuw was België
één van de eerste landen waar die nieuwe stijl floreerde, onder de naam Art
Nouveau. Bekende - en ook internationaal erkende - architecten uit die periode
zijn Henry van de Velde en vooral Victor Horta. Zij zorgden ervoor dat Brussel
voor een tijdje (van 1893 tot 1902) een internationaal centrum van vernieuwing
kon zijn. mooie voorbeelden van de Art-Nouveaustijl zijn vooral in Brussel
te vinden: bij voorbeeld het Tasselhuis, het Van Eetveldehuis, het Hotel Solvay
en Horta’s eigen huis.
Sinds de Art Nouveau hebben Belgische architecten op
internationaal vlak geen onvergetelijke indruk meer gemaakt. Binnen de grenzen
hebben enkelen wel een stevige reputatie; we kunnen hier Stéphane Beel en
vooral Bob van Reeth vermelden.
| |
|